ECLI:NL:RBDHA:2014:8681
Rechtbank Den Haag · 24-01-2014 · zaaknummer AWB 13/11775
Inhoudsindicatie
Aan eiser is onherroepelijk artikel 1(F) Vluchtelingenverdrag tegengeworpen. Voorts is eiser ongewenst verklaard. Hij heeft zich samen met zijn Nederlandse echtgenote in België gevestigd. Eiser wenst met zijn echtgenote terug te keren naar Nederland en heeft verweerder verzocht om opheffing van zijn ongewenstverklaring. Niet in geschil is dat eiser als familielid van een Unieburger dient te worden aangemerkt en dat hij daarom onder het toepassingsbereik van Richtlijn 2004/38 (Verblijfsrichtlijn) valt. In geschil is of eiser op grond van de tegenwerping van artikel 1(F) Vluchtelingenverdrag een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving vormt, als bedoeld in artikel 27, tweede lid, Verblijfsrichtlijn. De rechtbank is van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd dat het gedrag van een eiser een actuele bedreiging vormt voor de openbare orde.
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
