ECLI:NL:RBDHA:2014:7628
Rechtbank Den Haag · 12-06-2014 · zaaknummer AWB 14/2374 en AWB 14/2402
Inhoudsindicatie
Intrekking verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd De verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde tijd van eisers, man en vrouw, echtgenoten, zijn met terugwerkende kracht tot datum verlening ingetrokken, omdat zij onjuiste informatie hebben verstrekt over hun nationaliteit. Aan de hand van bij verweerder bekend geworden documenten is gebleken dat eisers niet de Iraakse nationaliteit hadden, maar de Libanese. Ook indien eisers niet alleen de Libanese, maar ook de Iraakse nationaliteit hebben leidt dat tot intrekking van de verleende vergunningen, omdat zij in dat geval bescherming kunnen krijgen van de Libanese autoriteiten. De rechtbank volgt verweerder niet in zijn standpunt dat aannemelijk is gemaakt dat eisers de Libanese nationaliteit hebben. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom verweerder deze nationaliteit aanneemt op grond van onvolledige kopieën van Libanese paspoorten van eisers. Verweerder heeft niet alleen deze kopieën van belang acht voor zijn standpunt, maar ook een ambtsbericht of deskundigenbericht van de Libanese ambassade en een onderzoek van het Bureau Documenten naar de door eiser bij zijn aanvraag overgelegde Iraakse identiteitskaart. Naar het oordeel van de rechtbank is geen sprake is van een ambtsbericht of deskundigenbericht, onder meer omdat op het betreffende document is vermeld dat het een memo betreft en niemand door ondertekening verantwoordelijkheid neemt voor de inhoud van het document. De rechtbank volgt verweerder ook niet in zijn standpunt over het onderzoek van het Bureau Documenten. De originele Iraakse identiteitskaart van eiser is bij zijn aanvraag onderzocht door de Kmar, bij welke gelegenheid is geconcludeerd dat het hier hoogstwaarschijnlijk een echt document betreft. Gelet daarop heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd waarom hij naar aanleiding van een onderzoek van het Bureau Documenten van een kopie van de betreffende identiteitskaart thans aanneemt dat sprake is van een vervalsing, waarbij een rol speelt dat zowel de Kmar, als het Bureau documenten als deskundigen te boek staan en een emailbericht niet gelijk te stellen is met een deskundigenonderzoek. Ten aanzien van eiseres geldt voorts dat zij bij aanvraag een door de Kmar hoogstwaarschijnlijk echt bevonden nationaliteitsverklaring heeft overgelegd en het memo van de Libanese ambassade niet betrekking heeft op haar persoon. In verweerders nadere toelichting ter zitting is geen aanleiding om de rechtsgevolgen van de bestreden besluiten in stand te laten. In het belang van definitieve geschillenbeslechting wordt voorts nog overwogen dat verweerder, indien eisers de Libanese nationaliteit wordt toegedicht een nader standpunt dient in te nemen ten aanzien van een door eiser bij zijn aanvraag overgelegd uitzetbevel van de Libanese autoriteiten. Beroepen gegrond.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[eiseres]
eiseres · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
