ECLI:NL:RBDHA:2014:4391
Rechtbank Den Haag · 20-03-2014 · zaaknummer AWB 13/25122 13/21523
Inhoudsindicatie
Eiser is bij besluit van 18 september 2007 ongewenst verklaard op grond van artikel 67, eerste lid, aanhef en onder c, Vreemdelingenwet 2000 (Vw) en op 29 september 2007 uitgezet naar Tunesië. Eiser heeft bij de rechtbank in Tunesië zijn naam laten wijzigen en die naam een nieuw paspoort verkregen. Eiser heeft verklaard dat te hebben gedaan om op die manier zijn dochter in Nederland te kunnen bezoeken. Op 5 mei 2008, 9 juni 2008, 21 juli 2008, 10 september 2008 en 13 oktober 2008 heeft eiser, onder zijn nieuwe naam, visa voor kort verblijf verkregen om zijn dochter te bezoeken. Tijdens zijn bezoeken aan Nederland heeft eiser een partner van Bulgaarse nationaliteit ontmoet. Eiser heeft op 5 mei 2009 een aanvraag tot afgifte van een document op grond van het rechtmatig verblijf als (partner van een) gemeenschapsonderdaan ingediend. Bij besluit van 10 september 2009 heeft verweerder aan eiser een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, Vw, waaruit het rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgegeven. Eiser is bij vonnis van de rechtbank Amsterdam van 30 november 2011 veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 6 jaren wegens overtreding van artikel 289 jo. artikel 45, eerste lid, Sr (poging tot doodslag) en artikel 302, eerste lid, jo. artikel 45, eerste lid Sr (poging tot zware mishandeling). Bij arrest van 7 september 2012 van het Gerechtshof Amsterdam is voornoemd vonnis vernietigd en is eiser voor voornoemde feiten veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 54 maanden. Niet in geschil is dat eiser ten tijde van voornoemd besluit van 10 september 2009, waarbij verweerder aan eiser een document heeft afgegeven waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, zoals bedoeld in artikel 9 Vw, tot ongewenst vreemdeling was verklaard als bedoeld in artikel 67 Vw. Op grond van artikel 67, derde lid, Vw kan, in afwijking van artikel 8 Vw, de ongewenst verklaarde vreemdeling geen rechtmatig verblijf hebben. Het feit dat verweerder bij besluit van 10 september 2009 aan eiser een document heeft afgegeven als bedoeld in artikel 9 Vw, betekent daarom niet dat eiser rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan heeft verkregen. Van een beëindiging van een verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan is daarom geen sprake. Het bestreden besluit houdt niet meer in dan de vaststelling dat eiser nimmer rechtmatig verblijf heeft gehad als gemeenschapsonderdaan. De gronden gericht tegen de beëindiging van het verblijfsrecht van eiser slagen reeds daarom niet.
Rechters
Advocaten
- J.A. de Jonge
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
