ECLI:NL:RBDHA:2014:3327
Rechtbank Den Haag · 14-02-2014 · zaaknummer AWB 13/848
Inhoudsindicatie
Sri Lanka, Tamil, herhaalde asielaanvraag, algemeen ambtsbericht, verslechterde situatie. Het onderzoek in deze zaak is in juni 2013 heropend om het nieuwe algemeen ambtsbericht inzake Sri Lanka bij de uitspraak te kunnen betrekken. Verweerder heeft onderhavige (tweede) asielaanvraag afgewezen op grond van art. 31, tweede lid, aanhef en onder f, Vw. Eiser stelt dat sprake is van nova nu er sprake is van een verslechterde veiligheidssituatie voor Tamils ten opzichte van het eerdere besluit. De rechtbank stelt, anders dan verweerder heeft aangevoerd, dat het enkele feit dat eiser de stukken pas na het bestreden besluit heeft overgelegd, op zichzelf niet betekent dat hij deze niet mede aan zijn aanvraag ten grondslag heeft gelegd. Nu de stukken nieuw zijn, ziet de rechtbank zich ambtshalve voor de vraag gesteld of deze stukken kunnen afdoen aan het eerdere besluit. Daarbij moet beoordeeld worden of er sprake is van een verslechtering van de veiligheidssituatie ten opzichte van de voorgaande procedures. De rechtbank is van oordeel dat eiser aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een dergelijke verslechtering. Daarbij acht de rechtbank het van belang dat het ambtsbericht 2013, anders dan de ambtsberichten van augustus 2009 en juni 2010, niet alleen spreekt van gevaar voor terugkerende Tamils met LTTE-banden, maar ook met 'vermeende' LTTE-banden. Ook maakt het ambtsbericht 2013 melding van gevaar voor Tamils die in het buitenland politiek actief zijn geweest. De rechtbank stelt vast dat de rapporten van TAG en SFH niet zijn betrokken in het ambtsbericht 2013. De rechtbank stelt tevens vast dat in het ambtsbericht 2013 informatie ontbreekt over de twee door Nederland uitgezette Tamils die bij terugkeer problemen hebben gekregen, terwijl door de toenmalige minister voor Immigratie, Integratie en Asiel is toegezegd dat hieraan in het volgende ambtsbericht aandacht aan zou worden besteed. Voorts acht de rechtbank van belang dat uit het ambtsbericht 2013 blijkt dat de aandacht voor LTTE-activiteiten van de Sri Lankaanse autoriteiten is verschoven van het binnenland naar het buitenland, en dat uit paragraaf 2.2 ‘Politieke ontwikkelingen’ onder Recente ontwikkelingen LTTE (inclusief Tamil diaspora) van het ambtsbericht 2013 zou kunnen worden afgeleid dat Nederland thans zou kunnen worden aangemerkt als land waar fondsen worden geworven door de LTTE. Daarnaast zijn de op de website gepubliceerde foto’s van eiser tijdens de viering van Heldendag in Nederland ook nova. Gelet op de vastgestelde verslechtering kan niet op voorhand worden uitgesloten dat deze feiten kunnen afdoen aan het eerdere besluit. Verweerder heeft zich ten onrechte op het standpunt gesteld dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij bij terugkeer naar Sri Lanka een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM. Beroep gegrond.
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
