ECLI:NL:RBDHA:2014:3295
Rechtbank Den Haag · 19-02-2014 · zaaknummer AWB 13/26755
Inhoudsindicatie
Eiser heeft de Srilankaanse nationaliteit en heeft een visum kort verblijf gevraagd voor verblijf bij zijn achterneef. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen, omdat getwijfeld wordt aan eisers voornemen om Nederland voor het verstrijken van de geldigheidsduur van het visum te verlaten en omdat eiser het doel van zijn verblijf onvoldoende heeft aangetoond. Eiser voert aan dat verweerder hem ten onrechte niet in bezwaar heeft gehoord. De rechtbank volgt eiser hierin. De in artikel 7:2 Awb neergelegde hoorplicht vormt een essentieel onderdeel van de bezwaarschriftprocedure. Het horen draagt ertoe bij dat het bestuursorgaan zich er goed van kan vergewissen dat het over alle relevante informatie beschikt die nodig is om tot een zorgvuldige heroverweging te komen. Verweerder heeft ten onrechte geconcludeerd dat sprake is van een kennelijk ongegrond bezwaar. In het primaire besluit heeft verweerder slechts in algemene standaardbewoordingen vermeld dat het voornemen van eiser om Nederland tijdig te verlaten niet kan worden vastgesteld en is verweerder niet concreet ingegaan op de door eiser bij zijn aanvraag overgelegde stukken, noch is door verweerder gemotiveerd uiteengezet welke informatie ontbreekt en in welk opzicht en om welke redenen de overgelegde documenten niet betrouwbaar of naar hun inhoud onjuist zouden zijn. Voor eiser was in de bezwaarfase onduidelijk wat er aan bewijsaanlevering van hem werd verwacht en op welke punten hij aanvullend bewijs moest inbrengen. Verweerder heeft eiser niet in de gelegenheid gesteld de ontbrekende bewijsstukken alsnog in te dienen dan wel om opheldering te vragen over de punten waarover bij verweerder twijfel bestond. Het had op de weg van verweerder gelegen om eiser of referent nader te horen dan wel om schriftelijke vragen te stellen over de in het bestreden besluit tegengeworpen onderwerpen.
Rechters
Advocaten
- A. Spel
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
