ECLI:NL:RBDHA:2014:14947
Rechtbank Den Haag · 05-12-2014 · zaaknummer AWB 14/7765
Inhoudsindicatie
De staatssecretaris heeft de aanvragen tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op grond van de ‘overgangsregeling langdurig in Nederland verblijvende kinderen’ afgewezen op grond van contra-indicatie a: de vreemdeling vormt een gevaar voor de openbare orde (inclusief artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag) of de nationale veiligheid. Eisers stellen zich op het standpunt dat ten onrechte het tien jaren-beleid voor gezinsleden van 1F-ers (paragraaf C2/6.2.8. van de Vreemdelingencirculaire 2000) niet is toegepast, terwijl de hoofdpersoon sinds 28 maart 1999 (gedurende vijftien jaar) ononderbroken in Nederland heeft verbleven. De beroepen zijn gegrond en het bestreden besluit wordt vernietigd wegens strijd met artikel 4:84 van de Awb. De rechtbank is van oordeel dat verweerder toepassing dient te geven aan de in paragraaf C2/6.2.8. van de Vc 2000 neergelegde beleidsregel en dient te toetsen of aan de drie cumulatieve voorwaarden wordt voldaan.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
