Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2014:14307

Rechtbank Den Haag · 21-10-2014 · zaaknummer AWB - 14 _ 4440

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 24-11-2014
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De rechtbank is van oordeel dat de wetgever met de bepalingen van artikel 19, 20 en 21 van de Awir heeft beoogd de aanvrager van een toeslag zekerheid te bieden binnen welk tijdsbeslag voorschotten, dan wel reeds toegekende toeslagbedragen kunnen worden herzien. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de toeslag binnen de in artikel 19 gestelde termijnen definitief wordt vastgesteld en vervolgens binnen de in artikel 21 gestelde termijn onder voorwaarden nog ten nadele van belanghebbende kan worden herzien. De rechtbank vindt voor de beoordeling van het begrip redelijke termijn, zoals genoemd in artikel 19, derde lid van de Awir een aanknopingspunt bij de termijn van artikel 21 van de Awir, waar gesproken over een termijn van vijf jaar na afloop van het berekeningsjaar. De rechtbank is van oordeel dat in het onderhavige geval, waarin verweerder na het opvragen van de nodige informatie van eiser in de loop van 2008, welke informatie eiser vervolgens heeft overgelegd, zonder enige aanwijsbare reden vijf jaar heeft laten verstrijken alvorens in december 2013 om aanvulling van de gegevens te vragen, en vervolgens de definitieve toeslag op nihil heeft gesteld, gehandeld heeft in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. De door eiser aangevoerde bewijsnood, waarbij hij aanvoert dat hij na het opsturen van de jaaropgave in 2008, zich er niet van bewust was dat eerst in 2013 nog eens om overeenkomsten en jaaropgaven zou worden verzocht, is hier mede het gevolg van. De rechtbank is dan ook van oordeel dat het verweerder onder deze omstandigheden niet langer vrijstond om in 2014 de definitieve toekenning op nihil vast te stellen en het gehele over 2007 uitgekeerde bedrag terug te vorderen

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.