ECLI:NL:RBDHA:2014:10356
Rechtbank Den Haag · 29-07-2014 · zaaknummer 14/15045, 14/15049 en 14/15039
Inhoudsindicatie
AA, subsidiaire status in Bulgarije, de vraag of Verordening 604/2013 van toepassing is strekt te ver voor beoordeling in de vovo-procedure. Verzoekers zijn door de Bulgaarse autoriteiten in het bezit gesteld van verblijfsvergunningen asiel op grond van subsidiaire bescherming. Verweerder heeft de aanvragen van verzoekers afgewezen op grond van artikel 30, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vreemdelingenwet 2000. In de onderhavige gevallen is volgens verweerder niet van toepassing Verordening (EU) nr. 604/2013 (herschikking). Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is in artikel 12, eerste lid, van Verordening 604/2013 een verantwoordelijkheidscriterium bepaald dat expliciet lijkt te voorzien in de situatie van verzoekers. Indien in artikel 12, eerste lid, van Verordening 604/2013 inderdaad expliciet is voorzien in de situatie van verzoekers, is Verordening 604/2013 naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter van toepassing als de asielzoeker reeds in het bezit is van een verblijfstatus die hem door een andere lidstaat is toegekend. Dat bij de Bulgaarse autoriteiten geen terugnameverzoek hoeft te worden ingediend blijkens artikel 23, eerste lid, in samenhang gelezen met artikel 18, eerste lid, aanhef en onder b, c, en d van Verordening 604/2013 hoeft daar niet aan af te doen. De voorzieningenrechter constateert dat, blijkens de Memorie van Toelichting, de interpretatie van de wetgever is dat Verordening 604/2013 na de herschikking ervan geen basis (meer) biedt voor overdracht van personen die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning asiel op grond van subsidiaire bescherming. Deze interpretatie volgt naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet expliciet uit de tekst van deze Verordening. De voorzieningenrechter acht het te ver voeren om de vraag of in de onderhavige gevallen Verordening 604/2013 van toepassing is in een voorlopige voorzieningenprocedure te beantwoorden. Bij deze stand van zaken prevaleren de belangen van verzoekers en wijst de voorzieningenrechter de verzoeken tot het treffen van voorlopige voorzieningen toe.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
