ECLI:NL:RBDHA:2014:10107
Rechtbank Den Haag · 16-07-2014 · zaaknummer SHE 13/31786
Inhoudsindicatie
Leeftijdsonderzoek, artikel 17, vijfde lid, aanhef en onder c, van Richtlijn 2005/85/EG (de Procedurerichtlijn), identiteit, artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, Awb, zelf in de zaak voorzien, eiser komt niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de asielaanvraag van eiser in strijd met artikel 17, vijfde lid, aanhef en onder c, van Richtlijn 2005/85/EG (de Procedurerichtlijn) ten onrechte niet inhoudelijk getoetst, nu hij bij de beantwoording van de vraag of eiser zijn gestelde identiteit aannemelijk heeft gemaakt enkel de niet geloofwaardig geachte leeftijd van eiser heeft betrokken. De rechtbank overweegt dat de identiteit van eiser meerdere aspecten naast zijn leeftijd kan omvatten en dat verweerder daar ten onrechte geen standpunt over heeft ingenomen. Het besluit is gelet hierop niet deugdelijk gemotiveerd en wordt vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank ziet aanleiding om met toepassing van artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, van de Awb zelf in de zaak te voorzien en te bepalen dat deze uitspraak ten aanzien van de aanvraag van eiser ter verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) in de plaats treedt van het bestreden besluit voor zover dit is vernietigd. De rechtbank acht hiertoe dat eiser geen asielmotieven aan zijn asielaanvraag ten grondslag heeft gelegd en dat verweerder ten aanzien van eisers land van herkomst, dat de rechtbank aannemelijk acht, geen landgebonden asielbeleid hanteert. De rechtbank stelt vast dat eiser op grond van artikel 31, eerste lid, in samenhang met artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, van de Vw 2000 niet in aanmerking komt voor verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd als in bovengenoemde zin.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
