Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026

ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ7059

Rechtbank Den Haag · 20-03-2013 · zaaknummer AWB 12/21086

Bestuursrecht; Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 22-06-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Voor het oordeel of de bedreiging van de openbare orde ernstig is in de zin van artikel 66a, vierde lid van de Vw 2000 is het tijdsverloop sinds het plegen van de strafbare feiten niet van belang. Zowel in artikel 27 van de Verblijfsrichtlijn als in artikel 12 van de Langdurig ingezetenenrichtlijn de termen “ernstig” en “actueel” naast elkaar vermeld. Indien een bedreiging van de openbare orde alleen ernstig kan zijn indien deze actueel is, heeft het gebruik van beide termen in deze artikelen geen betekenis. Het tijdsverloop sinds de veroordeling is op zichzelf wel een relevante omstandigheid als bedoeld in artikel 11 van de Terugkeerrichtlijn. Verweerder heeft deze omstandigheid ten onrechte alleen in het kader van de toets aan artikel 8 van het EVRM betrokken. De belangenafweging in het kader van artikel 8 van het EVRM bij verblijfsaanvaarding is een andere dan die bij het opleggen van een inreisverbod.

Advocaten

  • A. Berends

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.