ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ6969
Rechtbank Den Haag · 28-03-2013 · zaaknummer AWB 13/6093
Inhoudsindicatie
Met betrekking tot het standpunt van verweerder dat uit de uitspraak van de Afdeling van 6 februari 2013 (LJN: BZ1336 (P.I.)) niet de algemene regel kan worden afgeleid dat de verzwaarde belangenafweging altijd gemaakt moet zijn voordat de aansluitende periode van vreemdelingenbewaring en strafdetentie in totaal een periode van zes maanden heeft geduurd, overweegt de Rb. dat het in de rede ligt dat de verzwaarde belangenafweging kort voor of op de datum wordt gemaakt waarop de aansluitende periode van vreemdelingenbewaring en strafdetentie in totaal een periode van zes maanden heeft geduurd. In het onderhavige geval zou een belangenafweging kort voor of op 1 maart 2013 moeten zijn gemaakt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
