ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ4160
Rechtbank Den Haag · 11-03-2013 · zaaknummer AWB 12 / 2596 en 12 / 2599
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft zich in de bestreden besluiten en de daarin geïncorporeerde voornemens op het standpunt gesteld dat eisers voor hun geloofwaardig bevonden problemen (eisers zijn gevluchte slaven afkomstig uit Mauritanië) nimmer pogingen hebben ondernomen om hulp in te schakelen van de autoriteiten of de in Mauritanië aanwezige non-gouvermentele organisaties (NGO’s). Volgens verweerder hebben eisers voor hun komst naar Nederland dan ook onvoldoende inspanningen verricht die redelijkerwijs van hen verwacht mogen worden. Eisers hebben daartegen ingebracht dat het vragen om bescherming in Mauritanië voor hun gevaarlijk is. Concluderend is de Rb. van oordeel dat op grond van de voorhanden zijnde informatie, waarbij de Rb. vaststelt dat een recent ambtsbericht ter zake Mauritanië ontbreekt, niet gebleken is dat de in Mauritanië formeel geboden bescherming ook daadwerkelijk door de slachtoffers van slavernij kan worden benut, zodat niet gezegd kan worden dat in Mauritanië in dat opzicht in algemene zin bescherming wordt geboden. Verweerder zal hiernaar nader onderzoek moeten verrichten. Vernietiging van het besluit.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
