ECLI:NL:RBDHA:2013:19520
Rechtbank Den Haag · 12-07-2013 · zaaknummer AWB 13-4854
Inhoudsindicatie
De rechtbank is van oordeel dat het bezwaarschrift dat is ingediend door referent, de echtgenoot van eiseres, gelet op de inhoud daarvan, namens eiseres is ingediend. In het bezwaarschrift wordt het belang van eiseres om naar Nederland te reizen genoemd en worden tevens de dossiernummers van de procedures van eiseres vermeld. Voorts staat duidelijk bovenaan vermeld dat het om een bezwaarschrift gaat. Verweerder heeft geen aanleiding gezien te informeren of de echtgenoot wel gemachtigd was tot het indienen van het bezwaarschrift. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat er van uit dient te worden gegaan dat het bezwaarschrift namens eiseres is ingediend. Herhaalde visumaanvraag; eiseres heeft als novum aangevoerd dat zij en referent een kinderwens hebben en dat zij daarom bij elkaar moeten zijn. De rechtbank is van oordeel dat deze - niet onderbouwde - stelling niet kan worden aangemerkt als een novum in bovengenoemde zin.
Rechters
Advocaten
- T.P.A. Weterings
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Buitenlandse Zaken
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
