ECLI:NL:RBDHA:2013:16427
Rechtbank Den Haag · 26-11-2013 · zaaknummer AWB-13_2448
Inhoudsindicatie
Aan eiseres is als gebruiker van een onroerende zaak een aanslag onroerendezaakbelastingen opgelegd. De rechtbank oordeelt dat sprake is van één WOZ-object, omdat de leegstaande en de in gebruik genomen zelfstandige delen van het kantoorpand een samenstel vormen in de zin van artikel 16, aanhef en onder d, van de Wet WOZ. De rechtbank heeft hierbij in aanmerking genomen dat eiseres omvangrijke huurdersinvesteringen heeft gepleegd in de gehele door haar gehuurde onroerende zaak en deze volledig heeft ingericht in de huisstijl van haar onderneming. De rechtbank heeft ten aanzien van de waarde van de onroerende zaak geoordeeld dat bij de bepaling van de huurwaarde niet zonder meer kan worden uitgegaan van de, ruim een jaar na waardepeildatum overeengekomen, prijs die eiseres via onderverhuur van de door haar niet gebruikte delen kan realiseren. Deze prijs vertegenwoordigt immers niet de waarde in het economische verkeer nu de huurprijs slechts een tegemoetkoming in de kosten is voor eiseres.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
