Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBDHA:2013:16398

Rechtbank Den Haag · 28-11-2013 · zaaknummer AWB 13/21559

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 04-12-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor het doel “niet-tijdelijke humanitaire gronden op grond van de definitieve regeling langdurig verblijvende kinderen”. Suriname. Onderscheid tussen kinderen met een asielachtergrond en kinderen met een reguliere achtergrond. Verzoek om een voorlopige voorziening hangende bezwaar tegen de afwijzing van de aanvraag op grond van de ‘Kinderpardonregeling’. De voorzieningenrechter ziet zich voor de vraag gesteld of het onderscheid tussen kinderen met een asielachtergrond en kinderen met een reguliere achtergrond, dat op grond van de Regeling ontstaat, gerechtvaardigd is en de vraag of kinderen verantwoordelijk kunnen of mogen worden gehouden voor het handelen of nalaten van de ouders in het licht van de internationale regelingen zoals het IVRK. De voorzieningenrechter acht het te ver voeren om deze opgeworpen vragen in een voorlopige voorzieningenprocedure te beantwoorden. Het belang van verzoeker om de uitkomst van de bezwaarprocedure in Nederland te kunnen afwachten weegt naar het oordeel van de voorzieningenrechter zwaarder dan het belang van verweerder om tot uitzetting van verzoeker over te gaan voordat op het bezwaarschrift is beslist. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding tevens het jegens verzoekster uitgevaardigde inreisverbod schorsen. Dat verzoekster een risico loopt op strafrechtelijke vervolging op grond van artikel 197 van het Wetboek van Strafrecht, is geen vreemdelingenrechtelijk belang dat thans tot schorsing van het inreisverbod noopt. Voor zover het al tot een strafrechtelijke vervolging van verzoekster zou komen, is het aan de strafrechter om te beoordelen welke consequenties moeten verbonden aan het rechtmatig verblijf van verzoekster op grond van de thans getroffen voorlopige voorziening voor de strafbaarheid van haar verblijf in Nederland.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [verzoeker]

    verzoeker · onbekend

  • [verzoekster]

    verzoekster · onbekend

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.