ECLI:NL:RBDHA:2013:14333
Rechtbank Den Haag · 16-07-2013 · zaaknummer AWB-12_36191
Inhoudsindicatie
Legestarief voor familieleden van een Turks onderdaan die zich in Nederland als zelfstandige vestigt. In deze zaak gaat het om de hoogte van het verschuldigde legestarief bij het in behandeling nemen van een verblijfsvergunning voor een familielid van een als zelfstandig in Nederland gevestigde Turks onderdaan. De rechtbank is van oordeel dat deze familieleden in aanmerking komen voor het legestarief dat ook wordt geheven bij EU burgers en hun familieleden voor het in behandeling nemen van een aanvraag om toetsing aan het Unierecht. Dit is het gevolg van de uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 29 april 2010 (ECLI:NL:XX:2010:BM3843) met het zaaknummer C-92/07 tussen de Europese Commissie en het Koninkrijk der Nederlanden. In die uitspraak is bepaald dat het legestarief voor deze familieleden niet strijdig mag zijn met het non-discriminatiebeginsel dat is neergelegd in artikel 9 van de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije (de Associatieovereenkomst).
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
