ECLI:NL:RBDHA:2013:14332
Rechtbank Den Haag · 11-07-2013 · zaaknummer AWB-12_35009
Inhoudsindicatie
Asiel, Sri Lanka, LTTE Eiser stelt dat, gezien zijn leidinggevende functie binnen de LTTE en de mensenrechtensituatie in Sri Lanka, bij zijn terugkeer naar dat land sprake zal zijn van een schending van artikel 3 van het EVRM. De rechtbank is van oordeel dat de risicofactoren (genoemd in de uitspraak van het EHRM inzake N.S. tegen Denemarken) die een rol spelen bij de beoordeling van het risico bij terugkeer in het kader van artikel 3 van het EVRM, onvoldoende door verweerder zijn meegewogen in de beoordeling van de asielaanvraag. De rechtbank neemt voorts in aanmerking de door eiser overgelegde stukken, waaruit onder andere blijkt dat ook personen die niet in verband worden gebracht met de LTTE kans lopen om op het vliegveld van Colombo opgepakt en mishandeld te worden en dat recent Tamils die vanuit het Verenigd Koninkrijk en die vanuit Nederland zijn teruggestuurd naar Sri Lanka bij aankomst opgepakt en mishandeld zijn. Gezien deze nieuwe informatie die dateert van na het ambtsbericht inzake Sri Lanka van 2011 en de uitspraken van het EHRM van 20 januari 2011 en van 31 mei 2011 (LJN: BR0762) en de Afdeling van 28 december 2012 (LJN: BY8230), is de rechtbank van oordeel dat verweerder het bestreden besluit onvoldoende heeft gemotiveerd.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
