ECLI:NL:RBDHA:2013:14096
Rechtbank Den Haag · 22-10-2013 · zaaknummer 13/18834, 13/18832 en 13/18835
Inhoudsindicatie
Uitleg regeling Kinderpardon. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft verweerder onvoldoende onderbouwd dat verzoekers zich gedurende een of meer periodes hebben onttrokken aan het toezicht van de IND, de DT&V of het COa. Volgens de regeling dient de voorwaarde dat de vreemdeling zich niet langer dan een aangesloten periode van drie maanden heeft onttrokken aan het toezicht van die landelijke bestuursorganen aldus te worden begrepen dat hij niet langer dan een aaneengesloten periode van drie maanden bij die bestuursorganen uit beeld is geweest. Verweerder heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt wanneer deze situatie zich voordoet en waarom verzoekers niet aan die voorwaarde hebben voldaan. Onduidelijk is of de voorwaarde inhoudt dat de vreemdeling tenminste driemaandelijks persoonlijk of schriftelijk contact moet hebben gehad met een van de genoemde organen, of dat voldoende is dat vreemdeling administratief in beeld is geweest, in die zin dat er sprake was van lopende procedures, zoals een verblijfsrechtelijke procedure of een procedure tot (vrijwillig) vertrek. Daarbij rijst ook de vraag of een vreemdeling administratief in beeld is indien hij in afwachting is van een beslissing over de afgifte van een lp en genoemde organen daarvan op de hoogte zijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
