ECLI:NL:RBBRE:2012:BZ2575
Rechtbank Breda · 04-12-2012 · zaaknummer 11/5569
Inhoudsindicatie
Belanghebbende is geïdentificeerd als houder van rekeningen bij Van Lanschot Luxemburg. Na de eerste vragenbrief (7 maart 2007) heeft belanghebbende alle informatie over de rekening verstrekt. Na het sluiten van een vaststellingsovereenkomst is op 31 augustus 2007 één navorderingsaanslag vermogensbelasting 1999 opgelegd. De rechtbank oordeelt dat: - er geen sprake was van enig wilsgebrek bij het sluiten van de overeenkomst, - de navorderingsaanslag voortvarend is opgelegd, - de toepassing van de “gewone” navorderingstermijn niet wordt beperkt door het communautaire evenredigheidsbeginsel, - dat het niet afzonderlijk vermelden van de heffingsrente en de vergrijpboete op het aanslagbiljet geen rechtsgevolg heeft nu in de vaststellingsovereenkomst staat dat de vorm waarin de verschillende bedragen geheven worden geen geschilpunt kan zijn in bezwaar en/of beroep, - de overschrijding van de redelijke termijn van 8 maanden geheel aan de inspecteur dient te worden toegerekend. Schadevergoeding € 1.000.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
