ECLI:NL:RBBRE:2012:BW4484
Rechtbank Breda · 02-05-2012 · zaaknummer 702493 cv 12-886
Inhoudsindicatie
De overeenkomst tussen partijen dient naar het oordeel van de kantonrechter te worden gekwalificeerd als een krediettransactie als bedoeld in artikel 7:57 BW waarop ex artikel 2 WCK de artikelen 34 tot en met 36 WCK van toepassing zijn zodat de bepalingen omtrent de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding gelden. Onder de kredietvergoeding vallen alle beloningen en vergoedingen die de kredietgever bedingt en in rekening brengt, derhalve ook de door Betaaldag bedongen vergoeding van € 32,30. Deze bedraagt ruim 19 % van het uitgeleende bedrag van € 170,00 op 14 dagen nu de vordering blijkens de overeenkomst binnen 14 dagen na totstandkoming daarvan opeisbaar was. Gelet op het bepaalde in artikel 35 WCK in samenhang bezien met de artikelen 1 en 4 van het Besluit kredietvergoeding, bedraagt het jaarlijks toegestane kredietvergoedingspercentage sinds 1 juli 2011 16 %. Dit betekent dat de door Betaaldag gevorderde vergoeding omgerekend naar een percentage op jaarbasis het ten hoogste toegestane kredietvergoedingspercentage extreem overschrijdt en daarmee op de voet van artikel 36 WCK verboden is. De door Betaaldag gevorderde vergoeding van € 32,20 is dan ook niet toewijsbaar. Enkel de hoofdsom van € 170,00 wordt toegewezen. De kantonrechter ziet geen aanleiding de verboden kredietvergoeding te converteren in een volgens de WCK geldige kredietvergoeding nu de aard van de WCK regeling, te weten bescherming van de consument, zich daartegen verzet.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
