ECLI:NL:RBBRE:2011:BU7368
Rechtbank Breda · 07-12-2011 · zaaknummer 216841 / HA ZA 10-541
Inhoudsindicatie
Trefwoorden: aanbod, aanvaarding, wils-vertrouwensleer Artikelen: 2:217 BW, 2:227 BW, 3:33 BW, 3:35 BW, 2:248 BW samenvatting: Een overeenkomst komt tot stand door een volledig en gericht aanbod en de aanvaarding daarvan. Een zodanig aanbod dient ten minste de hoofdpunten van een te sluiten overeenkomst te bevatten. Overige niet uitdrukkelijk overeengekomen verbintenissen tussen partijen vloeien voort uit het gebruik of eisen van redelijkheid en billijkheid. Door uitleg moet worden bepaald of een aanbod is bedoeld om bij aanvaarding een overeenkomst tot stand te brengen, dan wel is bedoeld als een uitnodiging om in onderhandeling te treden. Door uitleg moet worden bepaald of een aanvaarding de strekking heeft een overeenkomst tot stand te doen brengen, dan wel bijvoorbeeld tot het bieden van exclusiviteit ten aanzien van een onderhandelingstraject. Door toetsing aan artikel 3:35 BW dient te worden beoordeeld of de aanvaardende partij geacht moet worden zich te hebben willen binden aan verbintenissen met dezelfde inhoud zoals die de aanbiedende partij voor ogen stond.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
