ECLI:NL:RBBRE:2010:BP1986
Rechtbank Breda · 28-12-2010 · zaaknummer 02/801200-09 [P]
Inhoudsindicatie
De rechtbank Breda veroordeelt verdachte ter zake ontucht plegen met een aan zijn zorg en waakzaamheid toevertrouwde minderjarige, meermalen gepleegd. Verdachte wordt een gevangenisstraf van 7 maanden opgelegd, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar met als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht, ook indien dat ambulante begeleiding van ’t Dok inhoudt. De rechtbank is van oordeel dat er in dit geval gesproken kan worden van een vorm van zorg en waakzaamheid van verdachte ten opzichte van aangeefster. De rechtbank verwijst hierbij naar een uitspraak van de Hoge Raad van 17 februari 2001, LJN AO1400 waarin wordt overwogen dat onder artikel 249 eerste lid van het Wetboek van Strafrecht “ook degene valt aan wie feitelijke zorgplicht tijdelijk of gedeeltelijk is overgedragen.” Verdachte had als volwassene de verantwoordelijkheid voor aangeefster. In overleg met Bureau Jeugdzorg is aangeefster bij verdachte gaan logeren. Er zijn daarbij afspraken gemaakt, onder andere over de frequentie. Gedurende ongeveer 3 jaar ging aangeefster eenmaal in de drie weken van vrijdag tot en met zondag logeren bij haar tante en verdachte. Tijdens dit verblijf van aangeefster bij verdachte, heeft het misbruik plaatsgevonden. De rechtbank is van oordeel dat dit een dusdanig ernstig feit betreft, dat een gevangenisstraf noodzakelijk is.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
