ECLI:NL:RBBRE:2007:BA2783
Rechtbank Breda · 04-04-2007 · zaaknummer 418164 cv 06-6612
Inhoudsindicatie
Werknemer is een bedrijfsongeval overkomen. Werknemer vordert in deze procedure schadevergoeding wegens kennelijk onredelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst. Tussen partijen loopt echter ook een andere procedure waarbij de werknemer schadevergoeding vordert wegens de schending van de zorg- of veiligheidsverplichting door de werkgever. De kantonrechter oordeelt in deze kennelijk onredelijke opzeggingszaak dat de werkgever haar belang bij de beëindiging van de dienstbetrekking enkel zou mogen laten prevaleren wanneer zij de werknemer een billijke vergoeding zou hebben toegekend. Voor de bepaling van de schadevergoeding wegens kennelijk onredelijke opzegging wordt de bij ontbinding van arbeidsovereenkomsten doorgaans toegepaste kantonrechtersformule niet zonder meer de juiste maatstaf geacht. De kantonrechter acht wegens de kennelijk onredelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst in beginsel een vergoeding van € 20.000,00 toewijsbaar, echter onder de bepaling dat dit bedrag in mindering zal strekken op een aan de werknemer wegens de schending van de bedoelde zorg- of veiligheidsverplichting door of namens Hekbouw uit te keren vergoeding. De gevorderde wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de datum van dagvaarding, omdat de enkele omstandigheid dat de kennelijk onredelijk opgezegde arbeidsovereenkomst op 1 juni 2006 eindigde onvoldoende wordt geacht om tevens een onrechtmatige daad aanwezig te achten.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
