Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBASS:2012:BW5023

Rechtbank Assen · 01-05-2012 · zaaknummer 19.830170-11

StrafrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Vrijspraak De rechtbank overweegt dienaangaande het volgende. Verdachte wordt verweten dat hij met aangeefster seks heeft gehad terwijl hij wist dat zij zich in een staat van verminderd bewustzijn bevond en daardoor niet in staat was om haar wil kenbaar te maken dan wel weerstand te bieden. Voornoemd handelen is strafbaar gesteld bij artikel 243 van het Wetboek van Strafrecht. Verdachte heeft erkend dat hij seks met aangeefster heeft gehad en zijn verklaringen omtrent de gang van zaken die avond en over het samen met aangeefster weggaan uit het café komen (nagenoeg) overeen met wat aangeefster en getuigen hierover verklaren. Dat verdachte en aangeefster die nacht seks hebben gehad staat derhalve niet ter discussie. Aangeefster heeft verklaard dat zij zich herinnert dat zij het café heeft verlaten, dat het regende en dat zij heeft gerend tot zij bij een afdakje was en dat er iemand bij haar was. Zij kan zich niet herinneren wat er op het bewuste moment van de seks is gebeurd. Zij heeft ook verklaard dat zij die avond (flink) alcohol heeft gedronken. Aangeefster is door getuigen half ontkleed en liggend op straat aangetroffen in een staat die kan worden beschreven als verminderd bewustzijn, zelfs als lichamelijke onmacht. De vraag die moet worden beantwoord is of aangeefster zich ten tijde van de seksuele handelingen in een zodanige toestand bevond dat zij niet meer in staat was om haar wil te bepalen en vervolgens of verdachte dit wist dan wel of verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat aangeefster in staat van verminderd bewustzijn verkeerde. De rol van alcohol In het bloedmonster van aangeefster (afgenomen om 09:35 uur) is een ethanol (alcohol) promillage gemeten van 1,2. Prof. Uges heeft berekend dat, uitgaande van een gemiddelde drinker, het promillage alcohol in het bloed van aangeefster rond 03:00 uur, 2,15 was. Daaruit kan volgens Uges geconcludeerd worden dat aangeefster goed dronken was. Verschillende getuigen hebben voorts verklaard dat aangeefster behoorlijk dronken was, dat zij zich erg uitbundig en ontremd gedroeg en dat zij erg aanhankelijk was en aan mensen hing. Aangeefster was toen zij het café verliet nog wel aanspreekbaar en kon nog lopen (zelfs rennen, zo heeft zij zelf verklaard). De rechtbank overweegt dat het alcoholpromillage van aangeefster dusdanig hoog was, dat dit tot een toestand van verminderd bewustzijn in de zin van artikel 243 van het Wetboek van Strafrecht zou hebben kunnen geleid. Voor zover dat in het geval van aangeefster daadwerkelijk het geval was, acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte hiervan, gelet op de hiervoor genoemde uiterlijk waarneembare kenmerken, op de hoogte was. De rechtbank zal verdachte derhalve van het tenlastegelegde vrijspreken.

Advocaten

  • M.A.C. de Vilder

Officier van justitie

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.