ECLI:NL:RBASS:2012:BV0128
Rechtbank Assen · 03-01-2012 · zaaknummer 19.7000426-11
Inhoudsindicatie
Het bewezen geachte levert op: onder 2 primair: bankbiljetten, waarvan de valsheid hem toen hij ze ontving, bekend was, uitgeven, strafbaar gesteld bij artikel 209 van het Wetboek van Strafrecht. Strafmotivering De rechtbank overweegt met betrekking tot de aard en de ernst van het onder 2 primair bewezen verklaarde feit in het bijzonder nog het volgende. Verdachte heeft vals geld (zelf en samen met medeverdachten) uitgegeven als echt en onvervalst. Verdachte heeft hiermee een ernstige inbreuk gemaakt op het vertrouwen dat ondernemers en (andere) consumenten in het betalingsverkeer hebben en mogen hebben. Wanneer dit vertrouwen niet meer aanwezig is, bestaat het risico van een ernstige ontwrichting van het maatschappelijk en economisch verkeer. De rechtbank is op grond van de ernst van het bewezen geachte, in samenhang met de hiervoor weergegeven overwegingen, feiten en omstandigheden, van oordeel dat in dit geval een onvoorwaardelijke werkstraf en een voorwaardelijke jeugddetentie passend en geboden is. Hoewel de rechtbank verdachte van het onder 1 tenlastegelegde vrijspreekt ziet zij, gelet op voormelde overwegingen met betrekking tot de ernst van het bewezen verklaarde, geen aanleiding om een lagere straf op te leggen dan door de officier van justitie is geëist. Voorts overweegt de rechtbank dat toezicht van de Jeugdreclassering als bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijk op te leggen straf aangewezen is. De rechtbank neemt daarbij het volgende in aanmerking. Verdachte is bij arrest van het gerechtshof Leeuwarden van 9 december 2011 veroordeeld tot een jeugddetentie voor de duur van 16 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk onder de bijzondere voorwaarde toezicht door de jeugdreclassering (hetgeen tevens kan inhouden het volgen van een behandeltraject bij het FJP in het kader van ITB Harde Kern). Daarnaast is hem opgelegd de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige voor de duur van één jaar (bestaande uit toezicht door de jeugdreclassering met ITB Harde Kern voor de duur van maximaal 6 maanden, elektronisch toezicht, FFT, een scholing en/of werktraject en ambulante behandeling door het FJP). Tegen dit arrest is geen cassatie ingesteld. Gelet hierop ziet de rechtbank geen aanleiding om de in deze zaak op te leggen bijzondere voorwaarde nader te preciseren en zal zij volstaan met het opleggen van toezicht door de jeugdreclassering.
Advocaten
Officier van justitie
- A.M. de Vries
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
