ECLI:NL:RBASS:2010:BO2776
Rechtbank Assen · 02-03-2010 · zaaknummer 19.606697-08
Inhoudsindicatie
De verdachte dient zowel van het hem primair als het hem subsidiair tenlastegelegde te worden vrijgesproken omdat de rechtbank dit, evenals de verdachte en diens raadsman en anders dan de officier van justitie, niet wettig en overtuigend bewezen acht. De rechtbank acht met name niet overtuigend bewezen dat verdachte de in de dagvaarding omschreven handelingen heeft begaan jegens het slachtoffer T, zulks mede doordat de verklaring van aangeefster, de moeder van het slachtoffer, en de verklaring van het slachtoffer op bepaalde punten van elkaar afwijken. Zo verklaart de moeder onder meer over een kerel uit L, dat slachtoffer T daar heel negatief en angstig over praatte en dat de man van slachtoffer T moest stoppen. (pagina 53 van het politieverbaal). Op pagina 60 wordt verklaard door slachtoffer T dat de man hem weer naar het dorp had gebracht. De man wilde niet meer, hij toen nog wel, maar nu niet meer. Slachtoffer T verklaart niet in negatieve zin over deze man, noch dat hij angstig was. Verder verklaart slachtoffer T dat de man in een zwarte auto reed. Verdachte heeft verklaard toen en nog steeds in een helderblauwe Daihatsu te rijden. Verdachte is woonachtig in S, niet in L, terwijl ook op zijn internetprofiel S als zijn woonplaats staat vermeld.
Advocaten
Officier van justitie
- G. Wilbrink
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
