ECLI:NL:RBASS:2007:BA9390
Rechtbank Assen · 03-07-2007 · zaaknummer 191122 CV EXPL 06-3435
Inhoudsindicatie
Een werkneemster vordert op basis van 7:611 BW een vergoeding voor immateriële schade om reden dat zij onvoldoende is ingewerkt en begeleid en zij zich door de opstelling en uitlatingen van werkgever in haar eer en/ of goede naam aangetast voelt. Zij is in dienst geweest op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. In het vonnis wordt vooropgesteld dat beslissingen over (on)geschiktheid en over het al dan niet verlengen van de arbeidsovereenkomst in beginsel niet via 7:611 BW alsnog ter toetsing kunnen worden voorgelegd. De door werkneemster naar voren gebrachte verwijten op die onderdelen leiden in dit geval niet tot een andere uitkomst. De vorderingen worden afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
