ECLI:NL:RBASS:2007:AZ9938
Rechtbank Assen · 27-02-2007 · zaaknummer 19.810065-05
Inhoudsindicatie
De raadsman van verdachte heeft aangevoerd dat er in casu sprake is van schending van het beginsel ne bis in idem, nu verdachte terzake van medeplegen van opzettelijke overtreding van artikel 3 van de Opiumwet, betreffende dezelfde periode, reeds door het gerechtshof te Leeuwarden op 1 december 2006 is veroordeeld. De rechtbank is van oordeel, dat geen sprake is van een dubbele vervolging voor dezelfde feiten. Het materiele element van het onderhavige tenlastegelegde strafbare feit is deelname aan een "misdadige organisatie", niet het deelnemen aan misdadige of verboden handelingen waarop het oogmerk van de organisatie is gericht.
Advocaten
- H. Supèr
- H.J. Pellinkhof
Officier van justitie
- H. Supèr
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
