ECLI:NL:RBASS:2003:AL3301
Rechtbank Assen · 07-10-2003 · zaaknummer 19/830032-03
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft ten tijde van de feiten het inzicht gehad dat het plegen daarvan maatschappelijk onaanvaardbaar was maar is, ondanks dat inzicht, onvoldoende in staat geweest zijn wil en handelen overeenkomstig dat inzicht te bepalen. Recidive van dergelijke delicten is niet uitgesloten, vooral als er een gebrek is aan toezicht en de gelegenheid zich wederom zou voordoen dat hij in contact komt met min of meer weerloze minderjarige meisjes.
Advocaten
- H. Supèr
- J.B. Pieters
Officier van justitie
- H. Supèr
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
