ECLI:NL:RBARN:2012:BY2915
Rechtbank Arnhem · 31-10-2012 · zaaknummer 225709
Inhoudsindicatie
Ingevolge artikel 157 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering heeft eiser in conventie dan ook met deze verklaring, zijnde een onderhandse akte, - behoudens tegenbewijs - dwingend bewijs geleverd van het feit dat partijen hebben verklaard zoals is verwoord in die akte. Nu in die akte is opgenomen dat partijen zijn overeengekomen dat gedaagde in conventie zou uittreden uit de V.O.F. met een schuld van € 50.000,00 aan eiser in conventie (artikelen 4 en 6), staat daarmee vast dat tussen de partijen op 8 november 2007 een beëindigingsovereenkomst met die inhoud tot stand is gekomen, aangezien gedaagde in conventie niet heeft gesteld dat partijen iets anders zijn overeengekomen, zodat aan tegenbewijs niet wordt toegekomen. Gedaagde in conventie heeft voorts de vernietigbaarheid van de beëindigingsovereenkomst, ingeroepen, allereerst omdat deze door bedrog zou zijn tot stand gekomen en voorts omdat deze onder invloed van dwaling tot stand zou zijn gekomen.
Rechters
Advocaten
- H.K. Beek
- M.J.P. Heijmans
- P.J.M. Boomaars
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
