ECLI:NL:RBARN:2012:BX7489
Rechtbank Arnhem · 31-08-2012 · zaaknummer 231250
Inhoudsindicatie
De slotsom is dan ook dat mede gelet op de uit de brief van 22 december 2011 van de curator blijkende feiten en omstandigheden thans niet met voldoende zekerheid kan worden uitgemaakt aan wie Menzis de onderhavige overproductievorderingen moet betalen, waarbij moet worden aangetekend dat de curator in het faillissement van Meavita geen partij is in dit kort geding. De voorzieningenrechter komt op grond van al het vorenstaande dan ook tot het voorlopig oordeel dat Menzis op redelijke gronden eraan kan twijfelen wie in rechte haar wederpartij/schuldeiser zal blijken te zijn en daarom in redelijkheid de betaling van de overproductievorderingen mag opschorten totdat in een bodemprocedure tussen Sensire en de curator in het faillissement van Meavita duidelijk is geworden aan wie deze vorderingen toekomt.
Rechters
Advocaten
- E.S. Ebels
- J.G. Sijmons
- R.J.B. Boonekamp
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
