ECLI:NL:RBARN:2012:BX6374
Rechtbank Arnhem · 22-08-2012 · zaaknummer 226680
Inhoudsindicatie
Stramit c.s. heeft het verschuldigde griffierecht niet binnen vier weken na instelling van haar vordering tot voeging betaald zoals is voorgeschreven in artikel 5 van de Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz). Op grond van artikel 219a Rv wordt Stramit c.s. niet ontvankelijk verklaard in haar vordering, nu voorts geen feiten of omstandigheden zijn gebleken op grond waarvan geoor¬deeld dient te worden dat niet-ontvankelijkverklaring, gelet op het belang van één of meer van de partijen bij toegang tot de rechter zal leiden tot een onbillijk¬heid van overwegende aard zoals bedoeld in artikel 127a lid 3 Rv.
Rechters
Advocaten
- D. Knottenbelt
- F.A.M. Knüppe
- P.R. van der Vorst
- S.G.A. van der Horst
- T.L. Cieremans
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
