ECLI:NL:RBARN:2012:BW9366
Rechtbank Arnhem · 12-06-2012 · zaaknummer AWB 11/5063
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek van eiser om handhavend op te treden ter zake van geluidsoverlast door vrachtauto, aangezien daarbij zoveel geluid wordt gemaakt dat de nachtrust stelselmatig wordt verstoord. Volgens eiser wordt art. 5:9, lid 1, van de APV overtreden. De Rb. is van oordeel dat art. 5.9, lid 1, van de APV de grondslag kan bieden voor handhavend optreden tegen geluidsoverlast veroorzaakt door het starten en wegrijden van een vrachtwagen. In de toelichting op dit artikel van de APV, zoals weergegeven in het advies van de commissie voor de bezwaarschriften, is vermeld dat door opname van het bestanddeel “anderszins hinder of overlast wordt aangedaan” ook andere vormen van hinder of overlast dan uitzichtbelemmering verboden zijn. Hierbij kan worden gedacht aan geluidsoverlast, bijvoorbeeld ten gevolge van het starten en warmdraaien van grote voertuigen. Bij de beoordeling of sprake is van geluidhinder als bedoeld in art. 5:9 van de APV komt verweerder, vanwege het ontbreken van concrete normen terzake in de APV, beoordelingsvrijheid toe. Die beoordeling dient door de rechter derhalve terughoudend te worden getoetst. Dit ontslaat verweerder echter niet van de verplichting ter invulling van het begrip geluidhinder een normering te kiezen die bruikbaar is en recht doet aan de omstandigheden van het geval. De Rb. is van oordeel dat verweerder de weigering om te handhaven niet in redelijkheid op het advies van de Regio Rivierenland heeft kunnen baseren, nu deze instantie ter invulling van het begrip geluidhinder een normering heeft gekozen die geen recht doet aan de omstandigheden van het geval. Uit art. 5:9 van de APV en de toelichting daarop moet worden afgeleid dat uitgegaan moet worden van de hinder die optreedt bij het starten, stationair draaien en wegrijden van de vrachtwagen, alsmede van alle daarbij horende geluidsoverlast. De door Regio Rivierenland gehanteerde methode is niet adequaat, aangezien hierbij alleen wordt uitgegaan van indirecte geluidhinder als gevolg van passerend wegverkeer. In het advies van Regio Rivierenland is het geluidsniveau berekend als gevolg van twee passages van de vrachtwagen op basis van een rijsnelheid van 15 kilometer per uur. De Rb. is van oordeel dat de wijze waarop door Cauberg-Huygen aansluiting is gezocht bij de normen voor directe hinder beter pas bij de onderhavige beoordeling. Dat er geluidhinder optreedt wordt overigens door de adviseur van de Regio Rivierenland, onder verwijzing naar het hoge piekniveau in de nachtperiode, ook erkend. Gegrond beroep.
Advocaten
- E.A. Rinsampessy
- J.G.M. Roijers
- K. Hendriks
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Neerijnen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Neerijnen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
