ECLI:NL:RBARN:2011:BU3542
Rechtbank Arnhem · 14-10-2011 · zaaknummer 220213
Inhoudsindicatie
Voorschot op verzekeringspenningen. Brandschade aan huis. Verzekeraar weigert uitkering omdat verzekerde wordt verdacht van negatieve betrokkenheid bij de Brand. Artikel 7:952 BW. Nu RVS ter bevrijding van haar betalingsverplichting uit de verzekeringsovereenkomsten stelt dat de brand en de daaruit voorkomende schade zijn veroorzaakt door opzet van verzekerrde (negatieve betrokkenheid van een van de verzekerden bij de brand), dient RVS om aan verzekerdel schade-uitkering te kunnen weigeren in een bodemprocedure op grond van de hoofdregel van artikel 150 Rv het bewijs te leveren van haar stelling en dus van de feiten en omstandigheden waaruit blijkt dat er sprake is van opzettelijke brandstichting door Van de verzekerde. Ook uit artikel 7:952 BW volgt dat het in beginsel aan de verzekeraar is om te bewijzen dat de schade door opzet of roekeloosheid van de verzekerde is ontstaan. De bewijslast rust dus op de verzekeraar. Dit betekent dat het risico dat onbewezen en dus onopgelost blijft wie de brand heeft gesticht voor risico van de verzekeraar komt.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
