ECLI:NL:RBARN:2010:BO8968
Rechtbank Arnhem · 01-12-2010 · zaaknummer 195260
Inhoudsindicatie
eiser vordert, samengevat: 1. Voor recht te verklaren dat gedaagden tekort geschoten zijn in de tussen hen en eiser gesloten overeenkomst, althans dat gedaagden onrechtmatig jegens eiser hebben gehandeld en 2. gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 162.873,08, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, althans een nader bij staat op te maken bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente en met de kosten van het geding. Primair op grond van een aantal concrete verwijten. Subsidiair stelt eiser dat gedaagden jegens hem een onrechtmatige daad hebben gepleegd, bestaande uit handelen in strijd met de zorgvuldigheid die door een redelijk bekwaam en redelijk handelend accountant en belastingadviseur betracht dient te worden. Op grond van het vorenstaande concludeert de rechtbank dat alle concrete verwijten, die eiser aan zijn vorderingen tegen BZ&S c.s. ten grondslag heeft gelegd, ongegrond of irrelevant zijn. Dit heeft tot gevolg dat eiser geen belang bij de gevorderde verklaringen voor recht en dat zijn vordering tot schadevergoeding ongegrond is, zodat zijn vorderingen tegen BZ&S c.s. moeten worden afgewezen.
Rechters
Advocaten
- J.M.J.E. Jegerings
- P.W.H.M. Dijkmans
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
