ECLI:NL:RBARN:2009:BK7909
Rechtbank Arnhem · 09-12-2009 · zaaknummer 188699
Inhoudsindicatie
Na echtscheidingsprocedure waarin de man geen verweer heeft gevoerd en niet is verschenen, stelt de man dat hij in verzet komt tegen deze 'bij verstek' gewezen beschikking. Uit art. 820 Rv volgt binnen welke termijn de in eerste aanleg niet verschenen echtgenoot hoger beroep kan instellen. Hoger beroep had bij het gerechtshof te Arnhem moeten worden ingesteld en bovendien bij verzoekschrift en niet bij dagvaarding. Dat laatste zou op voet van art. 69 Rv nog wel recht te zetten zijn, terwijl ook verwijzing op de voet van art. 73 Rv naar een wel bevoegde hogere gewone rechter op zichzelf wel mogelijk zou zijn. Maar er is, ook in het huidige procesrecht, geen rechtsregel op grond waarvan de rechter bij wie ten onrechte het niet openstaande rechtsmiddel verzet is ingesteld dat rechtsmiddel zou kunnen converteren in het wel openstaande maar niet ingestelde rechtsmiddel hoger beroep, met verwijzing naar de rechter die bevoegd zou zijn van het hoger beroep kennis te nemen (vgl. HR 17 januari 1992 NJ 1992, 263.)
Rechters
Advocaten
- A.J. de Bie
- R.J.B. Boonekamp
- S. Vermeulen
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
