ECLI:NL:RBARN:2009:BI8741
Rechtbank Arnhem · 20-05-2009 · zaaknummer 177684 / FA RK 08-12896
Inhoudsindicatie
De onderhoudsplicht van de verwekker ex artikel 1:394 van het BW is komen te vervallen op het moment dat de minderjarige kinderen, die tot dat moment alleen een moeder hadden, door een andere man zijn erkend. Anders dan namens de vrouw is betoogd, biedt artikel 1:394 van het BW geen grond voor het oordeel dat zowel de verwekker als de erkenner / juridische vader - naast de vrouw - onderhoudsplichtig zijn jegens de minderjarige kinderen. Niet is gebleken van een uit artikel 8 van het EVRM voortvloeiende positieve verplichting om de minderjarige kinderen een aanspraak op levensonderhoud jegens de verwekker toe te kennen. Volgt niet-ontvankelijkheid van het verzoek om vaststelling van een onderhoudsbijdrage door de verwekker in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen.
Rechters
Advocaten
- A.H.J. Raaijmakers
- C.J. Looijen
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
