ECLI:NL:RBARN:2007:BC0624
Rechtbank Arnhem · 12-12-2007 · zaaknummer 155152
Inhoudsindicatie
De vraag is of naar oud recht de onderhavige erfdienstbaarheid na tenietgaan is herleefd dan wel door verjaring of bestemming opnieuw is ontstaan. Die vraag moet ontkennend worden beantwoord, omdat hier geen sprake was van een voortdurende en zichtbare erfdienstbaarheid in de zin van de artikelen 744 en 747 (oud) BW, daar zij slechts door menselijk toedoen kon worden uitgeoefend. De gestelde feiten en omstandigheden maken geen uitzonderingen op die regel mogelijk. Naar huidig recht is herleving niet meer mogelijk, terwijl evenmin verjaring kan worden aangenomen.
Rechters
Advocaten
- H. Stokdijk
- H. van Ravenhorst
- J.G. Tjallingii
- J.M. Bosnak
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
