ECLI:NL:RBARN:2007:BA5893
Rechtbank Arnhem · 16-05-2007 · zaaknummer 146506
Inhoudsindicatie
Vast staat dat gedaagde geld, dat toebehoorde aan eiser, uit de kassa heeft weggenomen. Dit is zowel onrechtmatig als een toerekenbare tekortkoming in de arbeidsovereenkomst tussen hen. gedaagde zal dus de verduisterde bedragen aan eiser dienen terug te betalen. Zij betwist dit ook niet. Partijen verschillen echter van mening over de vraag hoeveel zij verduisterd heeft. De schade zal op de voet van art. 6:97 BW dienen te worden begroot op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is. Nu de omvang van de schade niet nauwkeurig kan worden begroot, zal zij moeten worden geschat. Voorzover gedaagde een beroep op artikel 6:101 BW doet, ketst dit beroep erop af dat degene die geld van een ander ontvreemdt, zich niet er bevrijdend op kan beroepen dat die ander beter had moeten opletten. De samenwonende partner voordeel genoot doordat gedaagde door geld van eisererduisteren ruimer aan het huishouden kon bijdragen, vindt dit voordeel zijn grond in de onderlinge bijdrageplicht van de partners tegenover elkaar. In die zin is de verrijking van de partner derhalve niet ongerechtvaardigd. Er is derhalve onvoldoende direct verband tussen de verrijking van de partner van gedaagde en de verarming van eiser (zie HR 30 september 2005, NJ 2007, 154).
Rechters
Advocaten
- A.J.B. Ross
- J.B.R. Daniels
- R.H. van de Beeten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
