ECLI:NL:RBARN:2006:AV2565
Rechtbank Arnhem · 09-02-2006 · zaaknummer AWB 05/4178
Inhoudsindicatie
Gelet op de wetsgeschiedenis is in casu geen sprake van een gezamenlijke huishouding in de zin van artikel 3, vierde lid, aanhef en onder a, van de WWB. Aangezien door verweerder voorts geen onderzoek is ingesteld naar de vraag of bij betrokkenen sprake was van een situatie waarin zij blijk gaven zorg te dragen voor elkaar door het leveren van een financiële bijdrage in de kosten van de huishouding dan wel anderszins, behoeft de vraag of sprake is geweest van een gezamenlijk hoofdverblijf, gezien het bepaalde in artikel 3, derde lid, van de WWB, niet meer te worden beantwoord.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beuningen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beuningen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
