ECLI:NL:RBARN:2004:AS5649
Rechtbank Arnhem · 29-12-2004 · zaaknummer 117409
Inhoudsindicatie
Bevoegdheidsincident; EEX-verordening; Art. 5 lid 1 sub a EEX-Verordening bepaalt dat alternatief bevoegd is de rechter van de plaats waar de verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt, is uitgevoerd of had moeten worden uitgevoerd. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschap heeft met betrekking tot art. 5 sub 1 EEX-Verdrag in zijn arrest van 6 oktober 1976, 12/76, NJ 1977, 169, Tessili/Dunlop reeds uitgemaakt dat de aangezochte rechter aan de hand van het op de overeenkomst toepasselijke recht moet vaststellen wat de plaats van uitvoering van de verbintenis is. Deze regel geldt ook voor de toepassing van art. 5 lid 1 sub a EEX-Verordening. De rechtbank dient derhalve eerst vast te stellen aan de hand van het Nederlandse conflictenrecht welk recht op de onderhavige overeenkomst van toepassing is. Daarna komt de rechtbank pas toe aan de vaststelling waar de verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt is of moet worden uitgevoerd en dus welke rechter bevoegd is.
Rechters
Advocaten
- M. Jansen
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
