ECLI:NL:RBARN:2004:AR3497
Rechtbank Arnhem · 13-09-2004 · zaaknummer 116391
Inhoudsindicatie
Huurovereenkomst. Vast staat dat gedaagde, door de huur aanvankelijk gedeeltelijk niet en later helemaal niet te betalen, tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens eiser (art. 7:212 BW). Gedaagde is gehouden deze achterstand alsnog te voldoen. Nu conform vaste jurisprudentie een huurachterstand van drie maanden een reden kan opleveren voor ontbinding van de huurovereenkomst, is de onderhavige achterstand in de huurbetalingen voorshands ook voldoende om daarop de ontbinding van de huurovereenkomst en daarmee de gevorderde ontruiming te baseren. Bij aanvang van de huur was de woning niet ernstig vervuild. Thans is dat wel het geval. Met inachtneming van artikel 7:213 BW, is de voorzieningenrechter thans van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat gedaagde zich geruime tijd niet als een goed huurder jegens eiser heeft gedragen. Ook hiermee is gedaagde tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen jegens eiser.
Rechters
Advocaten
- C.G.Th
- S.J. van Susante
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
