ECLI:NL:RBARN:2004:AR2582
Rechtbank Arnhem · 22-07-2004 · zaaknummer 114700
Inhoudsindicatie
Non-concurrentiebeding in arbeidsovereenkomst. Uit vaste jurisprudentie blijkt dat een non-concurrentiebeding opnieuw moet worden overeengekomen indien de wijziging in de arbeidsverhouding van zo ingrijpende aard is, dat het non-concurrentiebeding aanmerkelijk zwaarder gaat drukken. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is daarvan in de onderhavige zaak geen sprake. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat [eiseres] weliswaar wordt benadeeld als zij onverkort aan het non-concurrentiebeding wordt gehouden, maar dit betreft geen onbillijke benadeling. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat geen rekening hoeft te worden gehouden met de voorgenomen wijziging van art. 7.10 BW. Die regeling staat namelijk wat betreft haar inhoud nog niet vast. Bovendien is zij niet gericht op codificatie van bestaande rechtspraak en kent het wetsontwerp voor concurrentiebedingen die ten tijde van de inwerkingtreding reeds bestaan een eerbiedigende werking gedurende een jaar. Er bestaat daarom vooralsnog geen reden om op die wetgeving vooruit te lopen.
Rechters
Advocaten
- G.W.J.M. van Mierlo
- J.C.N.B. Kaal
- M.L.M. van de Laar
- W.H.B.K. Brunet de Rochebrune
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
