ECLI:NL:RBARN:2004:AP5801
Rechtbank Arnhem · 23-06-2004 · zaaknummer 106425
Inhoudsindicatie
Procesrecht; Geconstateerd moet worden dat X niet persoonlijk ter comparitie is verschenen en dat daarvoor niet een valide reden is gesteld of gebleken. De rechtbank kan daaruit op de voet van art. 88 lid 4 Rv de gevolgtrekkingen maken die zij geraden acht. Met toepassing van die bepaling komt de rechtbank dan tot het volgende. Omdat X bij antwoord heeft ontkend dat hij een aanvraag voor een Gulf creditcard had gedaan en heeft betwist dat zijn handtekening onder die aanvraag staat, was er aanleiding en behoefte X daarover persoonlijk te ondervagen teneinde dat verweer beter op waarde te kunnen schatten. Dat is nu niet mogelijk gebleken. Bij gebreke daarvan en gezien na te noemen feiten en omstandigheden die (bij de comparitie) onweersproken zijn gebleven moet het verweer van X als ongeloofwaardig worden gepasseerd.
Rechters
Advocaten
- F.J. Boom
- K.J. Verrips
- M.H.E. Harder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
