Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBARN:2002:AE9503

Rechtbank Arnhem · 23-10-2002 · zaaknummer 00/1674 CSV tot en met AWB 00/1678 CSV

Bestuursrecht; Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Het zijn van zelfstandige staat niet aan aannemen van uitzendovereenkomst in de weg. Gezien bijzondere aard uitzendovereenkomst bestaat er een gezagsverhouding indien uitzender en inlener complementair een reëel werkgeversgezag (kunnen) uitoefenen. Verweerder heeft ten aanzien van een vijftal betrokkenen, die via A bij verscheidene bedrijven werkzaam zijn geweest, verzekeringsplicht aangenomen. Eiseres is van oordeel dat nu betrokken zelfstandigen zijn, dit het aannemen van een uitzendovereenkomst als bedoeld in art. 7:690 BW in de weg staat. Rechtbank: Volgens vaste jurisprudentie van de CRvB hoeft het zijn van zelfstandige op zichzelf niet te beletten dat daarnaast werkzaamheden in privaatrechtelijke dienstbetrekking worden verricht. Nu de wetgever niet uitdrukkelijk anders heeft bepaald, valt naar het oordeel van de rechtbank niet in te zien dat de aldus geformuleerde regel niet in dezelfde zin zou opgaan voor een bijzondere vorm van de privaatrechtelijke dienstbetrekking, namelijk de dienstbetrekking die zich (onder meer doordat sprake is van leiding en toezicht bij de derde) laat kwalificeren als een uitzendovereenkomst. Verweerder heeft zich op het - door eiseres betwiste - standpunt gesteld dat in constellaties als hier aan de orde genoegen kan worden genomen met een slechts beperkt gezag bij de werkgever (de “uitzender”). De werkgever behoudt het gezag waar het gaat om de meer administratieve zaken zoals de urenregistratie. Voor zover het betreft de aard en de inhoud van de werkzaamheden en de wijze waarop deze (dienen te) worden verricht, wordt het werkgeversgezag evenwel in zijn geheel overgedragen aan en komt het in de vorm van leiding en toezicht te rusten bij de derde (de “inlener”). De rechtbank onderschrijft dit standpunt van verweerder. Gelet op de bijzondere aard van de uitzendovereenkomst is naar het oordeel van de rechtbank aan het vereiste van het bestaan van een gezagsverhouding voldaan indien uitzender en inlener complementair een reëel werkgeversgezag (kunnen) uitoefenen. Raad van bestuur van het UWV, verweerder. mrs. J.J. Penning, W.F. Bijloo, P.E.M. Messer-Dinnissen

Rechters

Advocaten

  • R.P.P. Caubo

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.