ECLI:NL:RBAMS:2026:7615
Rechtbank Amsterdam · 21-07-2026 · zaaknummer 13-146151-26
Inhoudsindicatie
Vervolgings-EAB uit België. Tussenuitspraak. Artikel 2 OLW: het is voldoende duidelijk voor de opgeëiste persoon voor welke feiten zijn overlevering wordt gevraagd en wat zijn betrokkenheid daarbij zou zijn geweest, en de overlevering is gevraagd voor een nog lopend strafrechtelijk onderzoek. Artikel 11 OLW: het algemene gevaar dat de rechtbank heeft aangenomen, wordt door de individuele garantie uitgesloten ten aanzien van de opgeëiste persoon. Artikel 9 OLW: om te beoordelen of sprake is van een (voorgenomen) strafvervolging in Nederland ten aanzien van hetzelfde feit als waarvoor de uitvaardigende justitiële autoriteit de overlevering verzoekt, verzoekt de rechtbank de officier van justitie aanvullende vragen voor te leggen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit.
Advocaten
Officier van justitie
- K. van der Schaft
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
