ECLI:NL:RBAMS:2026:4486
Rechtbank Amsterdam · 07-05-2026 · zaaknummer 13-399952-24
Inhoudsindicatie
Executie-EAB Hongarije. Overlevering toegestaan. Artikel 12 OLW. De opgeëiste persoon heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis i.e.a. De opgeëiste persoon en zijn advocaat zijn vervolgens in persoon in kennis gesteld dat er een besloten behandeling van de zaak in hoger beroep (in een zogenoemde “panel session”) zal plaatsvinden, tenzij binnen acht dagen een verzoek zou worden ingediend om een openbare zitting te houden. Beiden hebben nagelaten een dergelijk verzoek te doen. De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden maken dat de opgeëiste persoon gebruik heeft kunnen maken van zijn verdedigingsrechten, maar daar al dan niet stilzwijgend afstand van heeft gedaan. Artikel 11 OLW en artikel 47 Handvest. Verweer raadsman dat de opgeëiste persoon in Hongarije geen recht heeft gehad op een eerlijk proces i.d.z.v. van artikel 6 EVRM wordt verworpen. De rechtbank komt niet toe aan de vraag of sprake is van een individueel gevaar voor de opgeëiste persoon, omdat eerst moet worden onderbouwd dat in Hongarije een algemeen reëel gevaar bestaat op een dergelijke schending. De raadsman heeft echter geen objectieve, betrouwbare, nauwkeurige en naar behoren bijgewerkte gegevens overgelegd die daarop duiden.
Advocaten
Officier van justitie
- K. van der Schaft
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
