ECLI:NL:RBAMS:2025:6284
Rechtbank Amsterdam · 17-06-2025 · zaaknummer 10/073505-22
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft een 26-jarige man vrijgesproken van diefstal in vereniging met geweld van een partij cocaïne in Finland. De afweging van de drie beoordelingsaspecten leidt tot het oordeel, dat het gebruik van de verklaring van de als sole or decisive aangemerkte getuige, voor het bewijs in strijd is met artikel 6 EVRM, omdat het proces als geheel dan niet als eerlijk kan worden gekwalificeerd. Daarom kan en zal de rechtbank de verklaring van deze getuige - op het onderdeel dat hij verdachte op basis van een foto aanwijst als één van de overvallers – niet voor het bewijs gebruiken. Op basis van de inhoud van het dossier – na uitsluiting van de verklaring van voornoemde getuige kan naar het oordeel van de rechtbank niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat verdachte een van de personen is geweest die zich samen en in vereniging schuldig hebben gemaakt aan de poging tot diefstal met geweld van een partij cocaïne.
Advocaten
Officier van justitie
- S. Sondermeijer
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
