ECLI:NL:RBAMS:2025:5463
Rechtbank Amsterdam · 30-07-2025 · zaaknummer C/13/743894 / HA ZA 23-1141
Inhoudsindicatie
Schiphol en BN-TAV hebben in 2018 een contract gesloten voor de bouw van de A-pier. Tijdens de bouw zijn verschillende problemen ontstaan. Schiphol heeft het contract in november 2021 tussentijds beëindigd voordat het werk af was. Volgens Schiphol is BN-TAV tekortgeschoten in de naleving van het contract. Volgens BN-TAV is de beëindiging onrechtmatig omdat de problemen vooral zijn veroorzaakt door fouten in het ontwerp waarvoor Schiphol verantwoordelijk was. Ook rechtvaardigen volgens BN-TAV de problemen die Schiphol aan de beëindiging ten grondslag legt, gezien de grote gevolgen voor alle betrokkenen, de beëindiging van het contract niet. De rechtbank komt in dit vonnis tot het oordeel dat Schiphol het contract niet mocht beëindigen op de door haar ingeroepen gronden en bepaalt hoe de zaak verder gaat.
Advocaten
- G.W. van der Bend
- I. de Groot
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
