ECLI:NL:RBAMS:2025:5211
Rechtbank Amsterdam · 10-07-2025 · zaaknummer 13-015159-25
Inhoudsindicatie
Vrijspraak overtreding 6 WVW 1994, bewezenverklaring 5 WVW 1994. Verdachte heeft een voetganger die de rijbaan via een voetgangersoversteekplaats overstak, geen voorrang verleend, terwijl hij haar wel had moeten zien. Uit de enkele omstandigheid dat vde een andere verkeersdeelnemer aan wie hij voorang had moeten verlenen niet heeft gezien, hoewel deze voor hem wel waarneembaar moet zijn geweest en waarop hij zijn rijgedrag heeft moeten kunnen afstemmen, kan nog niet volgen dat de verdachte zich aanmerkelijk onoplettend en onvoorzichtig heeft gedragen. Omdat de rechtbank ook niet is gebleken van andere relevante verwijtbare gedragingen aan de zijde van verdachte volgt vrijspraak voor het prim.tll (overtreding art. 6 WVW 1994). Wel is het subs.tll bewezen verklaard: door het niet verlenen van voorrang heeft vde gevaar veroorzaakt, welk gevaar zich ook heeft verwezenlijkt: het slachtoffer is aangreden en heeft zwaar lichamelijk letsel opgelopen. Geldboete 750,-.
Advocaten
- S.E. Drent
Officier van justitie
- J.J. Smilde
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
